Kuilvoer tips

Een aantal van de veel gestelde vragen over het gebuik van Ecosyl in de kuil hebben we hier samengevoegd. Als u meer wilt weten, neem dan gerust contact met ons op.

  • Waarin verschillen kuiltoevoegmiddelen?

    Kuiltoevoegmiddelen bevatten verschillende soorten bacteriën en verschillende stammen van dezelfde bacteriesoort. Bacteriële soorten verschillen net zoveel als de mens verschilt van een koe. Maar bijvoorbeeld Holsteins, Jerseys en Herefords zijn allemaal koeien, dus dezelfde soort, maar verschillen in hun eigenschappen. Dat is vergelijkbaar met verschillende stammen van dezelfde bacteriesoort. Zo zijn er veel verschillende stammen van de L. plantarum, zoals MTD/1, met allemaal verschillende kenmerken.  

    Toevoegmiddelen om de eerste conservering te verbeteren, bevatten bijna allemaal Lactobacillus plantarum. Deze bacteriesoort is vooral goed in het tot stand brengen van een snelle conservering van de kuil. De meeste L.platarum werken niet onder een pH waarde van 5,5. Daarom zijn er vaak zogenaamde hulpstoffen nodig, zoals de Stretococcus faecium, om de conservering op gang te brengen. In sommige gevallen worden er meerdere bacteriestammen toegevoegd vanwege de verschillende eigenschappen. 

  • Hoe kan ik de kans op broei in de kuil minimaliseren?
    • Zorgen voor een smalle voorzijde van de kuil  
    • Korter hakselen voor een hoger drogestofgehalte en goede verdichting van de kuil
    • Goed samenpersen om ingesloten lucht te minimaliserenDe kuil goed afdichten en vastleggen
    • Beschadigingen aan het afdekplastic voorkomen
    • Snel uitkuilen (15 cm/d in de winter; 30 cm/d in de zomer)
    • Bij warm weer tweemaal daags voeren
    • Bij het uitkuilen de voorzijde van de kuil netjes en strak houden 
    • Het afdekplastic aan de voorzijde eraf laten bij het uitkuilen
    • Een effectief kuiltoevoegmiddel gebruiken
  • Hoe be├»nvloedt een toevoegmiddel de kuilvoerkwaliteit?

    Een kuiltoevoegmiddel verhoogt de voedingswaarde van kuilvoer door het verminderen van verliezen en een betere verteerbaarheid van de voedingsstoffen. Over het algemeen zal een toevoegmiddel de voedingswaarde niet verhogen boven dat van het oorspronkelijke gewas.   

    Een kuiltoevoegmiddel is gericht op snellere en efficiëntere conservering van de kuil, wat resulteert in beter verteerbare kuilen en minder verliezen. Goede kuilen hebben een lage pH waarde, lage ammoniak fractie (minder dan 10%) en een hoge verhouding van melkzuur ten opzichte van vluchtige vetzuren. Een uitzondering hierop zijn de kuilen die behandeld zijn met het toevoegmiddel Lactobacillus buchneri. Deze kuilen hebben een hogere pH en een lagere verhouding tussen melkzuur en vluchtige vetzuren. Dit komt doordat deze een tweede conservering van melkzuur tot azijnzuur (een zwakker zuur) ondergingen.  Toevoegmiddelen die een snellere conservering naar een lagere eind-pH stimuleren verkleinen het risico op een tweede, bacteriële conservering. Hierdoor is er nauwelijks sprake van verandering in de conserveringsparameters gedurende de opslag in de kuil. Sommige toevoegmiddelen, zoals L. buchneri, beïnvloeden daarnaast de kans op broei in de kuil door de productie van schimmelwerende verbindingen zoals azijnzuur. Ook kunnen schimmeldodende chemische conserveringsmiddelen zoals sorbaat, propionaat en benzoaat toegevoegd worden.

  • Waarom zou ik een kuiltoevoegmiddel gebruiken?

    Het is belangrijk dat kuilvoer snel conserveert om zoveel mogelijk eiwitten te behouden en kans op ongewenste micro-organismen te verkleinen. Van nature komt conservering tot stand door melkzuurbacteriën in het gewas. Deze bacteriën zijn echter vaak in relatief kleine aantallen aanwezig en bovendien zijn dit meestal niet de meest geschikte stammen voor een efficiënte conservering. Daardoor komt de conservering vaak langzaam op gang, vergt het meer suikers en leidt dit tot grotere verliezen. Kuiltoevoegmiddelen bevatten een hoog gehalte speciaal geselecteerde melkzuurbacteriën die de natuurlijke bacteriën overheersen en zo zorgen voor een snelle en efficiënte conservering. Daarbij hebben een aantal toevoegmiddelen bewezen een gunstig effect te hebben op de dierprestaties. 

    Daarnaast zijn er kuiltoevoegmiddelen verkrijgbaar die gisten en schimmels remmen die broei in de kuil veroorzaken. 

    Kuiltoevoegmiddelen kunnen verschillende voordelen bieden, maar zorg ervoor dat u het middel kiest dat het best past bij uw situatie. Vraag om onafhankelijk bewijs dat het middel werkt om te voorkomen dat u geld verspilt.  

    Potentiële voordelen van kuiltoevoegmiddelen:

    Verbetert conservering

    • Sneller
    • Efficiënter
    • De kuil goed afdichten en vastleggen

     Vermindert drogestofverlies

    • Conservering
    • Kuilsappen
    • Broei  

    Verbetert dierprestaties

    • Verhoogde opname van drogestof  
    • Betere verteerbaarheid

    En bedenk - een kuiltoevoegmiddel is geen vervanging van goed kuilmanagement.

  • Welke factoren dragen bij aan een goede conservering?
    • Een hoogwaardige graszode en regelmatig maaien in een vroeg stadium van de groei
    • Hoog drogestofgehalte – minder suikers nodig voor een stabiele conservering
    • Voldoende suiker in het gewas - genoeg om een stabiele pH te bereiken
    • Snel inkuilen – de kuil iedere avond afdekken als het inkuilen langer duurt
    • Passende gewaslengte - droger materiaal vereist een korter gewas
    • Met een toevoegmiddel het aantal melkzuur-producerende bacteriën vergroten – hoe meer toegevoegde bacteriën, hoe beter
    • Goed samenpersen – hoe droger het materiaal, des te belangrijker goed afdichten is om lucht in de kuil te voorkomen
    • Toepassen van een bewezen kuiltoevoegmiddel